Donsdekens wassen

De wollen sprei en de katoenen lakens hebben in de Vlaamse slaapkamers echt wel plaats moeten ruimen voor het dekbed. Jongeren stellen zich doorgaans tevreden met een eenvoudig exemplaar met synthetische vulling. Maar wie het zich kan permitteren opteert toch voor een dekbed met veertjes. Hoe moet je die onderhouden?
Over het algemeen komt dons van ganzen- en eendenboerderijen uit Europa en Azië. De ganzen en eenden worden er voor de slacht gehouden en waarbij het dons een waardevol bijproduct is. Voor de kwaliteit, en dan speciaal de isolatiewaarde, is het van belang dat de dieren ‘winterhard’ zijn. Dieren die een winter hebben meegemaakt in de koudere omgevingen geven meer, grotere en dikkere donsvlokken dan dieren uit warmere streken.

Een goed dekbed moet warmte isoleren maar ook goed het vocht reguleren. Recent onderzoek heeft aangetoond dat een licht dek ervoor zorgt dat je makkelijker kunt draaien in je slaap en daardoor makkelijker de ideale slaaphouding kunt vinden. Daarom is dons het meest aangewezen vulmateriaal. Dons is een fantastisch natuurproduct. Extreem licht en veerkrachtig. Noch wol, noch een synthetische vulling kunnen daar tegenop. Is de keuze voor een donsvulling bepaald, dan moet je nog je weg vinden tussen de verschillende kwaliteiten. De prijs van een donzen dekbed wordt voor een groot deel bepaald door de soort dons en veren die gebruikt worden en natuurlijk door de verhouding tussen het gewichtsdeel dons en het gewichtsdeel veren. Het scheiden van de veren en het dons is een intensief en moeilijk karwei. Een hoger donspercentage zal dus een hogere prijs betekenen. Maar ook een lager vulgewicht. Terwijl de isolatie hetzelfde blijft en het slaapcomfort hoger wordt. Vanaf  2001 is er een nieuwe Europese regelgeving van kracht die u als consument duidelijkheid moet geven over de samenstelling van het dons. Zo mag je ervan uitgaan dat bij 90% dons je een vulling krijgt met 9 gewichtsdelen dons en 1 gewichtsdeel (dons-)veren. De grootte van de donsvlok bepaalt mede het isolerende vermogen. Omdat ganzen grotere vogels zijn dan eenden, geeft een gans een grotere, betere donsvlok. Waar kwalitatief mindere dons zo groot is als een muntje van tien eurocent geven Oost-Europese ganzen dons ter grootte van één euro munt. Hierdoor zal voor eenzelfde warmte-isolatie minder gewicht nodig zijn.

De tijk, de zak of overtrek waar het dons in zit, moet uiteraard donsdicht zijn, maar ook soepel en zo licht mogelijk. Voor donzen dekbedden wordt altijd een natuurlijk materiaal als tijkstof genomen. De meest gebruikte is katoen. Hoe dunner de draad, hoe meer schering en inslagdraden er in een vierkante inch verwerkt kunnen zijn. De draaddikte wordt uitgedrukt in Nm en geeft aan hoeveel meter draad 1 gram weegt. Hoe hoger die waarde hoe dunner de gebruikte draad in het weefsel. De fijnste stof die nog voldoende sterk en donsdicht is, is een stof geweven met Nm200 draden en weegt slechts 75gr/m2. Naast de soort stof is ook de bestepping (het stikpatroon dat de dons op zijn plaats houdt) van belang. In ons land is het meest gebruikte steppatroon een vierkantvlak verdeling, waarbij de boven en de onderlaag van de tijkstof tegen elkaar gestikt worden. Nadeel van deze bestikking is dat er aan beide kanten van de stiknaad minder dons kan zitten, zodat er een ‘koudebrug’ ontstaat. Dit wordt opgelost door gebruik te maken van cassette of hochsteg steppatronen waarbij er ‘schotjes’ ontstaan ter plaatse van de stiknaad. Overigens wordt de 'koudebrug' door mensen die het snel warm hebben als positief ervaren omdat overtollige warmte hierlangs sneller weg kan trekken. Door het patroon niet in de standaard vierkantverdeling te maken kan ervoor gezorgd worden dat het dekbed meer de menselijke vorm volgt. Het probleem van de ‘koudebrug’ kan ook opgelost worden door een dekbed uit twee lagen te maken; een soort 4-seizoenen dekbed, maar dan direct alweer verwerkt tot één. Dergelijk all seasons-dekbedden zjn trouwens helemaal in. Nadeel hiervan is wel dat één van de voordelen van een donsdekbed deels verloren gaat. In de winterperiode heb je dan immers 4 lagen tijkstof op je liggen i.p.v. de 2 die noodzakelijk zijn om de dons bij elkaar te houden in het dekbed. Hierdoor neemt het gewicht van het totale dek in verhouding flink toe. Voordeel is dan natuurlijk dat je eenvoudig inspeelt op de verschillende slaapkamertemperaturen en dat je juist door de extra lagen stof ook een warmer winterdek creëert. Onze Oosterburen, die al heel lang onder donzen dekbedden slapen, geven echter massaal de voorkeur aan twee aparte dekbedden. Eéntje voor de koudere perioden (kamertemperatuur tot 9°C) en ééntje voor warme nachten (kamertemperatuur 10 tot 17°C). Dons is uitstekend wasbaar. Afhankelijk van de tijk tot 90 graden Celsius. Door de grootte van een dekbed is het echter wel aan te raden dit te laten doen bij de professionele textielreiniger.
<< Terug naar de tips